VERBINDEN

SOLOTENTENTOONSTELLING MARCEL PINAS

6/12 – 11/01



Marcel Pinas

Marcel Hendrik Pinas (Pelgrim Kondre, 1971), zoon van Hans Pinas van Ofia Olo en Louise Welkens van Manja Bon, is een van de beroemdste Surinaamse kunstenaars van dit moment. Hij is schilder en maakt installaties. Kibri a kulturu, bescherm de cultuur, is het motto achter zijn werk waarmee hij de cultuur van zijn voorouders wil behouden, de Marron cultuur van de Ndyuka. Met zijn werk en zijn activiteiten vraagt Pinas tevens aandacht voor de nijpende sociaal-maatschappelijke omstandigheden die het welzijn en het voortbestaan van marron- en inheemse leefgemeenschappen in Suriname bedreigen.

Naast zijn karakteristieke gebruik van het Afaka schrift, gebruikt Pinas culturele objecten van de Marron zoals delen van een boomstamkano, stukken van paris peddels, kleine matapis (langgerekte, geweven rotan buisjes die gebruikt worden om repen cassave uit te persen), stukken pangi stof (geruite stof gebruikt voor lenden- en omslagdoeken), papamoni’s (schelpen die voorheen werden gebruikt als valuta), kokolampen (olielampen) en aluminium lepels.

Pinas, opgeleid aan het Nola Hatterman Instituut in Paramaribo, het Edna Manley College of Visual and Performing Arts in Jamaica en aan de Rijksacademie in Amsterdam, heeft in de afgelopen jaren veelvuldig geëxposeerd in Europa, Zuid Amerika en de VS. 


De Grote Suriname tentoonstelling

Het geboortedorp van Pinas ligt in het noordoosten van Suriname nabij Moengo en Moiwana in het district Marowijne. Plaatsen die midden in het conflict van de Binnenlandse Oorlog stonden. In 2007 heeft hij een groot monument gemaakt voor de slachtoffers van 'Het bloedbad van Moiwana', toen regeringstroepen 38 mensen, onder wie kinderen en bejaarden, hebben vermoord. Een absoluut dieptepunt in deze oorlog die duurde van 1986 tot 1992.
Op dit moment is er een grote installatie van Marcel Pinas te zien bij de Grote Suriname tentoonstelling in de Nieuwe Kerk, die nog tot 2 februari 2020 te bezoeken is. Hij toont hier een tweede monument: een lange gedekte offertafel getiteld 'Moiwana 86 Tafa'. Er om heen 38 stoelen, erop 38 borden. De stoelen zijn bedekt met zwarte en witte kleden, als bij een rouwplechtigheid. Op de borden staan krantenfoto’s van soldaten en lijken, het weinige tastbare bewijs van de moord. De lepels zijn ook versierd. In Afaka melden ze ‘Bescherm ons’ – een herinnering aan het feit dat de verantwoordelijken voor de moorden nog immer vrij rond lopen. Pinas’ installatie is een oproep om de gebeurtenis niet te vergeten en tegelijk een eerbetoon aan de slachtoffers. Houd onze geschiedenis levend, lijkt de tafel te zeggen. Kibri a Kultura.




Marcel Pinas bij zijn installatie Moiwana 86 Tafaa (2019) in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Beeld Erik Smits

Tembe Art Studio

Marcel Pinas draagt via zijn Stichting Kibii bij aan de ontwikkeling van zijn geboortestreek. Hij probeert jongeren te interesseren voor moderne kunst en oude ambachten. Zij kunnen lessen volgen en zelfstandig 'artistieke produkten' maken.
De Tembe Art Studio (TAS) te Moengo is het centrum van al deze activiteiten.
Kunstobjecten van Marcel Pinas, waaronder ook het bekende Moiwana-monument, staan verspreid in de openbare ruimte in het district Marowijne.


Onderstaande tekst is van Stefan Kuiper: Interview met Marcel Pinas, Volkskrant 3 oktober 2019

Moiwana monument

Het Moiwana monument refereert aan een van de wrangste hoofdstukken uit de recente Surinaamse geschiedenis: de massamoord in het dorp Moiwana. Op 29 november 1986 kwam een groep soldaten van het Nationale leger naar het dorpje Moiwana in Oost-Suriname en vermoordde er 38 onschuldige burgers. Onder de slachtoffers waren ouden van dagen en moeders met kinderen. Sommige lijken werden teruggevonden in een massagraf. Van anderen ontbreekt nog altijd ieder spoor (onlangs nog werden resten van stoffelijke overschotten gevonden). Wie aan de kogels
ontsnapte, sloeg op de vlucht.


Het Moiwana Monument, ter nagedachtenis aan de onschuldige burgerslachtoffers in het dorp Moiwana. Door Marcel Pinas uit 2007. Beeld Roy Tjin

De misdaad, het gevolg van een ruzie tussen toenmalig dictator Dési Bouterse en diens voormalige bodyguard, jungle-commando (en marron) Ronnie Brunswijk, is tot op de dag van vandaag een open zenuw. De internationale gemeenschap sommeerde de regering veelvuldig de daders op te sporen, maar hieraan werd geen gehoor gegeven. Men drong aan op strafrechtelijk onderzoek. Dat bleef
uit. Ook van officiële spijtbetuigingen was geen sprake. Herdenkingstekens vanuit overheidszijde: nada. Pinas maakte wel een gedenkteken. Ter herinnering aan de misdaad en ter nagedachtenis aan de doden plaatste hij bij Moiwana in 2007 een piramidevormige totem van steen en metaal bedekt met Afaka-tekens, omringd door blokken, als zerken op een kerkhof: het Moiwana Monument









Tweede Tuindwarsstraat 4
1015 RZ Amsterdam
info@kunstkan.nl

Openingstijden
Donderdag t/m Zaterdag
13.00 t/m 18.00 
︎   ︎  ︎